De Alk

De Alk
Alk, Brouwersdam 6 nov '26 - eigen foto

De Alk (Alca torda) is een opvallende zeevogel die voorkomt langs de kusten van de Noord-Atlantische Oceaan. Met zijn zwart-witte verenkleed, stevige snavel en rechtopstaande houding lijkt hij op een kleine pinguïn, al zijn beide soorten niet nauw verwant. In de winter wordt de alk regelmatig waargenomen langs de Belgische en Nederlandse kust.

Uiterlijk

De alk wordt ongeveer 38 tot 43 centimeter groot en heeft een spanwijdte van 60 tot 70 centimeter. In zomerkleed zijn de kop, rug en vleugels zwart, terwijl de buik helder wit is. De dikke zwarte snavel met een opvallende witte dwarsstreep is een belangrijk herkenningskenmerk.

Leefgebied

Alken brengen het grootste deel van hun leven op zee door. Ze broeden in kolonies op rotsachtige kliffen en eilanden, vooral in IJsland, Noorwegen, Schotland en Canada. Buiten het broedseizoen zwerven ze over open zee en kunnen ze tijdens stormen dichter bij de kust terechtkomen.

Voedsel

De alk voedt zich voornamelijk met kleine vissen zoals zandspieringen, haringen en sprot. Hij is een uitstekende duiker en gebruikt zijn vleugels om onder water te "vliegen". Soms duikt hij tot meer dan 100 meter diep op zoek naar voedsel.

Voortplanting

Tijdens het broedseizoen legt het vrouwtje meestal één ei op een smalle rotspunt of in een spleet. Beide ouders broeden het ei uit en verzorgen het jong. Wanneer het jong nog niet volledig vliegvlug is, springt het samen met één van de ouders van de klif naar zee, waar de verdere opvoeding plaatsvindt.

Bijzonderheden

De alk behoort tot de familie van de alkachtigen, waartoe ook de zeekoet en de papegaaiduiker behoren. Een nabij familielid, de reuzenalk, is helaas uitgestorven sinds het midden van de 19e eeuw. De huidige alk is echter nog steeds een vertrouwde verschijning op de Noord-Atlantische Oceaan.

FR: Pingouin torda