Gierzwaluwen zijn meer verwant met de kolibrie dan met de zwaluwen, het zijn dus geen zwaluwen en vormen zo een eigen groep.

De Gierzwaluw (Apus apus) is een bijzondere vogel, ze zijn buitengewoon goed aangepast aan het leven in de lucht. Buiten het broedseizoen houden ze zich ononderbroken op in de lucht.

Begin mei komen ze toe in onze streek om begin augustus al terug naar het zuiden te vertrekken.

Het zijn insecteneters die ze in de vlucht vangen, zo'n 15000 stuks per dag. Jongen krijgen zo'n 20 balletjes insecten waarin per bal tussen 300 en 500 insecten zitten. Indien nodig vliegen ze honderden km om naar beter weer om voedsel te jagen.

Het nest bevindt zich tussen dakpannen of kieren waar ze kunnen invliegen of speciale nestkasten. Veel nestmateriaal wordt niet gebruikt, meestal wat materiaal die ze zwevend in de lucht aantreffen.

Vanaf half mei beginnen ze te broeden, ze leggen 1 รก 2 eieren waarop ze ongeveer 20 dagen broeden. De jongen vliegen na vier weken uit.

Ze overwinteren tot Zuid Afrika. Gezenderde vogels hebben aangetoond dat ze heel Afrika doorkruisen.

FR: Martinet noir
EN: Common Swift
DE: Mauersegler