Op de stranden voor het Zwin vind je regelmatig de ‘Zwinkokkel’

Ik ken ze voornamelijk onder de naam Cardita planicosta maar ze zijn ook bekend als Venericor planicosta. De geslachtsnaam Venericor betekent: Hart van Venus. De soortnaam Planicosta betekent: Vlakke ribben. Het is een grote, dikschalige schelp vaak sterk verweerd door de branding zodat de ribben niet meer te zien zijn.Komt uit het Eoceen (56,0 tot 33,9 miljoen jaar geleden) uitgestorven dus enkel nog als fossiel te vinden. De schelpen die in de Zwinstreek worden gevonden zijn afkomstig uit banken voor de kust die glauconietzandsteen bevatten.